Traditiegetrouw trapt Samsung het smartphonejaar af met zijn nieuwe Galaxy S-topmodellen, maar echt wereldschokkend is de buitenkant al even niet meer. Waar je bij de S24 Ultra nog kunt opscheppen over een nieuwe titanium behuizing, zijn de ‘junior’-modellen — de S24 en de door ons bekeken S24+ — vrijwel niet te onderscheiden van de S23-lijn van vorig jaar. Het ontwerp is onverminderd strak en ietwat aan de kleine kant. De pastelkleurige matte achterkant is gelukkig amper gevoelig voor vingerafdrukken en behalve de drie losse cameralenzen en het beeldmerk is er weinig afleiding. Toch voelt het ergens alsof we naar een kopie zitten te kijken.
Samsung snapt zelf waarschijnlijk ook wel dat de hardware dit keer de kar niet alleen kan trekken. De presentatie draaide daarom zowat volledig om ‘Galaxy AI’. Met een beetje kunstmatige intelligentie je chatberichten oppoetsen, telefoongesprekken live in een andere taal vertalen of foto’s strakker maken; het is een geinig trucje. Toch is het absoluut niet dé reden om blind naar de winkel te rennen. Wat dat wel zou kunnen zijn, is de indrukwekkende updatebelofte. Zeven jaar software-ondersteuning is een zeldzame luxe. Fijn is bovendien dat de adviesprijzen weer wat zijn gezakt. Met een startprijs van 899 euro voor de S24 en 1149 euro voor de S24+ ben je toch vijf tientjes goedkoper uit dan het moment van introductie vorig jaar, en in de praktijk duiken aanbieders daar inmiddels al onder.
Maar dan de processor. Vorig jaar stapte Samsung met veel bombarie over op de Snapdragon 8 Gen 2, wat door menig techneut op gejuich werd onthaald. Dit jaar krijgen wij in Europa voor de S24 en S24+ weer een chip van eigen makelij door de strot geduwd: de Exynos 2400. Opvallend genoeg krijgt de peperdure Ultra-variant wél gewoon de nieuwste Snapdragon 8 Gen 3. Dat voedt direct het aloude cynisme op fora. Al ruim tien jaar delven Exynos-chips in het topsegment vaak het onderspit tegen hun Snapdragon-tegenhangers, met name als het gaat om hitteproductie en efficiëntie. Het doet een beetje denken aan de Google Pixel-lijn, waar de Tensor-socs – in feite omgekatte Samsung-ontwerpen met een flinke AI-saus – steevast tegen vergelijkbare pijnpunten aanlopen.
Hoewel de Exynos 2400 qua pure prestaties echt prima meekomt met de concurrentie, lijkt de modem een zwakke stee. Zodra je van wifi overschakelt op 5G, keldert de browsetijd aanzienlijk door een hoger stroomverbruik. In dat specifieke scenario scoort de S24 zelfs een kortere accuduur dan zijn voorganger. Zit je vooral op wifi, dan is de batterij overigens bijzonder taai. Opladen blijft helaas wel een relatief traag verhaal. Het superfelle oledscherm met zijn uitmuntende kleurweergave is dan weer een genot om naar te kijken. Ook de camera’s leveren een uiterst betrouwbaar plaatje af. De hardware is nagenoeg identiek aan vorige generaties, maar de foto’s zijn net een tikje scherper geworden. Een uitstekende frontcamera en een brede camera-app maken de ervaring af, al ontbreekt een dedicated macrostand.
Ironisch genoeg is zo’n macrofunctie straks blijkbaar wél weer te vinden in de goedkopere toestellen van het merk. Terwijl wij hier de plussen en minnen van een Exynos-vlaggenschip afwegen, rommelt het namelijk behoorlijk in de wandelgangen rondom Samsungs aankomende mid-rangers. Op de website van het Bureau of Indian Standards (BIS) zijn recentelijk twee onaangekondigde telefoons opgedoken met de modelnummers SM-M476B/DS en SM-E476B/DS. Alles wijst erop dat we hier kijken naar de naderende lancering van de Galaxy M47 en de Galaxy F70 Pro.
Vooral de uitgelekte specificaties van de M47 zijn boeiend, zeker wanneer je ze naast het S24-verhaal legt. Dit toestel krijgt naar verluidt namelijk wél gewoon een Qualcomm-chipset aan boord in de vorm van de Snapdragon 6 Gen 3. Trek dat samen met een flinke 5000mAh-accu en 25W-laden, en je hebt waarschijnlijk een toestel dat weigert leeg te gaan. De camera-opstelling achterop wordt naar verwachting aangevoerd door een 50-megapixelsensor, bijgestaan door een 8-megapixel ultragroothoek en die bewuste 2-megapixel macrolens die de premium S24+ ontbeert.
Met een verwacht prijskaartje dat in India schommelt tussen de 20.000 en 25.000 roepies (omgerekend zo’n 220 tot 280 euro) is de M47 een behoorlijk agressief geprijsd pakket. Het toestel, dat vermoedelijk veel hardware deelt met de aankomende Galaxy A27, krijgt een groot 6,7-inch FHD+ AMOLED-scherm met een vlotte 120Hz-verversingssnelheid en een 12-megapixelcamera voor de selfies. Wat echter het meest in het oog springt in deze hele geruchtenstroom, is de software. Het lijkt er sterk op dat Samsung het paradepaardje van zijn dure S-lijn laat doorsijpelen naar de lagere segmenten; de M47 kan volgens de lekken rekenen op maar liefst zes jaar software-updates.
Het illustreert feilloos de huidige strategie van het bedrijf: aan de ene kant hypergepolijste topmodellen die sterk leunen op AI-software en eigen processors, en aan de andere kant verrassend robuuste budgetopties die stiekem over specificaties en een levensduur beschikken waar je een paar jaar geleden de absolute hoofdprijs voor betaalde.