De lancering van de nieuwe iPhone-generatie brengt zoals altijd hoge verwachtingen met zich mee. Met de iPhone 17 Pro zet Apple een toestel in de markt dat bijna precies is wat een Pro-model hoort te zijn. Het is echter vooral een interessante upgrade voor de echte ‘poweruser’. Wie het toestel naast de goedkopere, reguliere iPhone 17 legt, ziet direct waar de meerwaarde zit: een snellere chip die beter gekoeld blijft onder zware belasting, een veelzijdiger camerasysteem en een beeldscherm dat net wat strakker is afgesteld.
Focus op de poweruser
Op papier weet de iPhone 17 Pro zich uitstekend staande te houden tegenover andere topmodellen in de markt, al is het op geen enkel specifiek vlak de absolute, onbetwiste winnaar. Waar het toestel wél in uitblinkt, is de algehele gebruikservaring. De combinatie van het relatief handzame formaat, de toevoeging van de nieuwe cameraregelaar en de actieknop zorgt voor een workflow die staat als een huis. Voeg daar de uitstekende haptische feedback van de trilmotor, Face ID en de gepolijste software aan toe, en je hebt een ervaring die bijna onovertroffen is.
Toch is er een duidelijk pijnpunt voor de tech-liefhebber: kunstmatige intelligentie. Hoewel de industrie hier vol op inzet, schitteren bijna alle beloofde ‘Apple Intelligence’-functies vooralsnog door afwezigheid. De software voelt hierdoor minder compleet dan de marketing doet vermoeden.
Ervaringen uit de praktijk
Voor gebruikers die overstappen van oudere modellen, zoals de iPhone 12, is de sprong voorwaarts groot. De keuze voor de Pro wordt vaak gemaakt vanwege het gemis van een telelens op de basismodellen. In de praktijk blijkt het toestel lekker vlot, maakt het prachtige foto’s en wordt het esthetische ontwerp – zeker in de blauwe uitvoering – gewaardeerd.
Er zijn echter ook fysieke offers. Vergeleken met eerdere generaties voelt de 17 Pro een stuk zwaarder en dikker aan. Een ander praktisch ongemak is dat het toestel zonder hoesje nog steeds wiebelt als het plat op tafel ligt, wat storend kan zijn tijdens het typen. Ook de instelmogelijkheden van de actieknop worden door sommige gebruikers nog als te beperkt ervaren.
De realiteit van de batterijclaims
Een van de meest besproken aspecten van de nieuwe iPhone 17-serie is de accuduur. Apple claimde bij de lancering een indrukwekkende verbetering van 35 procent. Nu tech-goeroes en reviewers de toestellen daadwerkelijk in handen hebben, blijkt die claim toch wat genuanceerd te liggen. De populaire tech-reviewer Mrwhosetheboss nam de proef op de som en onderwierp de volledige line-up – inclusief de nieuwe iPhone Air en de Samsung Galaxy S25 Ultra – aan een genadeloze batterijtest.
Hierbij kwam een interessant technisch detail aan het licht dat invloed heeft op onze regio. De claims van Apple lijken gebaseerd op de Amerikaanse modellen die volledig op eSim werken. De modellen die in het Verenigd Koninkrijk en Europa worden verkocht, bevatten nog steeds een fysieke simkaartlade. Deze ruimte gaat ten koste van de interne accucapaciteit, waardoor de prestatiewinst in onze regio minder spectaculair is dan geadverteerd.
Resultaten van de stresstest
Tijdens de test werden de telefoons onderworpen aan een identiek regime van ‘doomscrolling’, gamen, videobellen en het opnemen van video’s in hoge resolutie. De resultaten waren verhelderend:
De iPhone 17 Pro Max kwam als onbetwiste winnaar uit de bus en hield het precies 13 uur vol. Hoewel dit de beste prestatie is, was het verschil met de voorganger kleiner dan verwacht: slechts 45 minuten langer dan de iPhone 16 Pro Max. Dit komt neer op een verbetering van ongeveer 6,4 procent, wat in schril contrast staat tot de beloofde 35 procent.
De concurrentie zat overigens niet stil; de Samsung Galaxy S25 Ultra wist het net geen 12 uur vol te houden, wat een zeer respectabele prestatie is. De reguliere iPhone 17 Pro en de basis iPhone 17 eindigden in de middenmoot met een tijd van ongeveer 10 uur en 28 minuten.
De grootste verliezer van de test was de nieuwe iPhone Air. Door zijn dunne titanium behuizing is er simpelweg fysiek minder ruimte voor een grote accu. Vooral zware taken zoals het filmen in 4K-resolutie trokken de batterij in rap tempo leeg, waardoor het toestel na 7 uur en 18 minuten al uitviel. Het toont aan dat voor wie accuduur heilig is, de dikkere Pro-modellen nog steeds de veiligste keuze zijn.